Elke dag sla je nieuwe herinneringen op in je brein. Ook gebruik je dagelijks oude herinneringen, bijvoorbeeld als je je veters strikt.

Herinneringen worden op verschillende manieren in je brein opgeslagen, wat maakt dat we diverse geheugensystemen hebben. Een visueel geheugen, een motorisch geheugen en een auditief geheugen zijn hier voorbeelden van.

Je hebt vast wel een gehoord over het lange termijngeheugen en het korte termijngeheugen. Het lange termijngeheugen is als een oneindige bibliotheek, de opslagplaats van je kennis. Het korte termijngeheugen kun je zien als een poortwachter. Razendsnel wordt bepaald welke informatie doorgesluisd moet worden naar het lange termijngeheugen en met welke informatie we niets hoeven en dus ‘weggegooid’ wordt.

Het werkgeheugen kun je zien als een onderdeel daarvan. De definitie van werkgeheugen is: de vaardigheid om informatie in het geheugen te houden bij het uitvoeren van complexe taken. Het werkgeheugen ze je bijvoorbeeld in om even een tussenantwoord in een berekening te onthouden.

Het brein is plastisch, veranderbaar en je geheugen kun je trainen. Er zijn allerlei verschillende strategieën die je in kunt zetten om dingen te onthouden:

  • herhalen
  • verbanden leggen/ associëren
  • verbaliseren
  • visualiseren
  • bedenken van ezelsbruggetjes
  • clusteren van informatie tot een betekenisvol geheel
  • opschrijven
  • mindmappen

Leerlingen die problemen ervaren met hun werkgeheugen zijn erbij gebaat om te leren hun beschikbare werkgeheugencapaciteit zo efficiënt mogelijk in te zetten. Dit kan onder ander door hen bewust gebruik te laten maken van verschillende geheugenstrategieën.

Tijdens de geheugentraining maken we gebruik van het online programma BCB-geheugentraining en zetten we verschillende werkbladen en geheugenspellen in.